Basisprincipes

Basisprincipes van ayurveda

► De vijf elementen leer: bouwstenen van de natuur

De vijf elementen vormen een van de belangrijkste concepten van de ayurvedische wetenschap. Deze vijf elementen (ruimte, lucht, vuur, water en aarde) bestaan in alle materie, zowel organische als anorganische. De mens wordt gezien als een schepping van het kosmisch bewustzijn en wordt beschouwd als een microkosmos van de macrokosmos die het universum is. Wat in de kosmos aanwezig is, is ook in mensen aanwezig. De mens is een miniatuur van de natuur.

Onze psychische neigingen, en ook onze vijf zintuigen en de verschillende aspecten van de werking van ons lichaam, houden allemaal rechtstreeks verband met de vijf elementen.

Volgens ayurveda openbaren de vijf elementen zich opeenvolgend, te beginnen met ruimte, vanuit het zuivere verenigde ongeopenbaarde kosmisch bewustzijn (purusha) dat de bron van alles is. De vijf elementen zijn volgens de westerse wetenschap nauwelijks meetbaar, wel kennen we ze door hun eigenschappen

■ Ether (ruimte/akasha)

Ether (eerste element) wordt ook wel ruimte genoemd. De eigenschappen van ether zijn; allesdoordringend, transparant, licht en subtiel. Ruimte verschijnt wanneer het zuivere ongeopenbaarde bewustzijn gaat vibreren, en wordt met geluid en het gehoor in verband gebracht. Wij hebben ruimte nodig om te leven, te bewegen, te groeien en te communiceren. Tot de ruimten in het lichaam behoren de mond, de neus, het maagdarmkanaal, het ademhalingskanaal, de buik en de borstkas. In psychisch opzicht geeft ruimte vrijheid, vrede en bewustzijnsverruiming, en is zij verantwoordelijk voor liefde en mededogen, alsmede voor gevoelens van verwijdering, isolement, leegte, ongeaardheid en angst. De lichamelijke reactie op ether is dat het de lichaamsstructuur verfijnt en lichter wordt. Ether wordt vertegenwoordigd door de kleur wit.

■ Lucht (vayu)

Lucht (het tweede element) beweegt in de ruimte (ether). De eigenschappen van lucht zijn; droog, licht, en beweeglijk (lucht zorgt voor beweging). Lucht is vormloos, maar kan worden waargenomen door aanraking, waarmee het verband houdt. Als principe van beweging komt lucht tot uiting in de bewegingen van de spieren, het kloppen van het hart en de ademhaling (beweging van de longen). Zenuwimpulsen bewegen zich naar en vanuit de hersenen onder invloed van het luchtprincipe. Dit principe is ook verantwoordelijk voor de ademhaling, de beweging van de darmen, en voor de uitscheiding. Het stromen van gedachten, verlangens en de wil wordt geregeerd door het luchtprincipc, dat ons geluk en opwinding brengt. Het is, samen met ruimte, ook verantwoordelijk voor angst, bezorgdheid, irritatie en nervositeit. Het luchtelement is blauw.

■ Vuur (tejas)

Wanneer lucht gaat bewegen, veroorzaakt dat wrijving, hetgeen vuur (het derde element) teweegbrengt. De eigenschappen van vuur zijn; heet, droog, scherp en licht uitstralend. In ons lichaam regelt ons biologisch ‘vuur’ onze lichaamstemperatuur en ons metabolisme: spijsvertering, opname en afbraak van processen. Vuur wordt met licht en visie in verband gebracht. Vuur is noodzakelijk voor transformatie, aandacht, begrip, herkenning en inzicht. Vuur is ook verantwoordelijk voor woede, haat en afgunst. Als iemand woedend is zeggen we niet voor niets hij “spuugt vuur”. Het vuurelement is rood.

■ Water (jala)

Water (het vierde element) is een medium voor de voorgaande drie elementen. De eigenschappen van water zijn; vloeibaar, vormloos, zwaar, koud en compact.

Water bevindt zich in het lichaam in de lichaamsvloeistoffen zoals o.a het cytoplasma (vocht in de cel), speeksel, neusvocht, urine en zweet. Water is essentieel voor het voedingsproces en om het leven in stand te houden: zonder water zouden ons lichaam niet kunnen overleven. Water is tevredenheid, liefde en mededogen. Het veroorzaakt ook dorst, oedeem en vetzucht.

De kleur van het waterelement is groen (dus niet blauw)

■ Aarde (prithivi)

Aarde (het vijfde element) is het meest vaste van de vijf elementen. De eigenschappen van aarde zijn; samenbindend (cohesief vermogen), vast, traag, bewegingloos en volumineus.

Aarde geeft het lichaam kracht, structuur en uithoudingsvermogen. Alle vaste structuren van het lichaam (botten, kraakbeen, tanden, haar, en huid) zijn van het element aarde afgeleid. Aarde bevordert vergeving, verankering en groei. Aarde schept ook gehechtheid, hebzucht en depressiviteit; de afwezigheid ervan brengt gevoelens van niet “geaard” zijn teweeg. De kleur van het element aarde is geel/bruin.

De vijf elementen zijn dus de grondslag van de gehele schepping en worden wel de Pancha Mahabhta’s (vijf grote elementen) genoemd.

Wanneeer de elementen in het lichaam niet in balans zijn, krijgt ziekte de kans zich te manifesteren.

Uit deze vijf elementen ontstaan de drie vitale energieën of tri-dosha’s genoemd.

► De drie dosha’s: vata, pitta en kapha

De drie dosha’s worden vata, pitta en kapha genoemd:

Vata is uit ether en lucht ontstaan en heeft als basisfunctie de regulatie van beweging.

Pitta is gevormd uit vuur en water en heeft als basisfunctie de regulatie van de stofwisseling.

Kapha is gevormd uit aarde en water en heeft als basisfunctie de regulatie van

Structuur.

Deze drie energieën zijn volgens de ayurveda heel belangrijk, ze vormen als het ware een schakelstation tussen geest en lichaam. Deze drie dosha’s beheersen alle biologische processen.

In ons lichaam regeren deze drie dosha’s ons totale functioneren. Vata, pitta en kapha zijn in elke cel, elk weefsel en elk orgaan aanwezig. Wanneer zij in evenwicht zijn, brengen zij gezondheid voort, wanneer zij uit evenwicht zijn, vormen zij de oorzaak van ziekte.

Deze drie dosha’s zijn verantwoordelijk voor de individuele verscheidenheid van mensen, de dosha’s beïnvloeden alles wat we zijn en alle keuzes die we maken van de voorkeur voor een bepaald voedsel tot de manier waarop we onszelf zien en hoe we met anderen omgaan.

Alle mensen hebben al deze drie dosha’s, maar meestal zijn er een of twee overheersend waarbij de derde minder aanwezig is. Zo heeft ieder mens een bepaald energetische DNA-code, een individuele combinatie van fysieke, mentale en emotionele kenmerken die zijn of haar psychofysiologische constitutie (prakriti) vormen. Zoals iedereen een individuele vingerafdruk heeft die door een geoefend vakman geïdentificeerd kan worden, zo heeft iedereen ook een specifieke energieafdruk – een evenwicht of verhouding van vata, pitta en kapha – die uitsluitend van hem of haar is.

Gezondheid hangt af van het in evenwicht houden van deze verhouding van de dosha’s. Evenwicht is de natuurlijke aard (orde) der dingen; onevenwichtigheid veroorzaakt en weerspiegelt wanorde. Vanuit de dosha’s gezien betekent gezondheid dus evenwicht (balans) in je eigen specifieke verhouding van tri-dosha en ziekte het uit balans zijn van deze specifieke voor jou kenmerkende verhouding. De tri-dosha’s zijn niet afzonderlijk waarneembaar, omdat ze naar buiten toe werken als een drie-eenheid. In evenwicht of in disharmonie zijn ze bepalend voor de toestand waarin wij ons op dat moment bevinden. Zoals gezegd heeft elke dosha een basisfunctie met bepaalde eigenschappen, we zullen deze wat nader bekijken (zie ook tabel 1).

■ Vata dosha:

Vata heeft als basisfunctie de regulering van beweging en is de belangrijkste dosha omdat het ook voor de nader dosha’s de bewegende kracht vormt en deze aanstuurt. Vata wordt daarom ook wel de ‘koning’ van de dosha’s genoemd, want als vata in balans is zijn over het algemeen pitta en kapha dit ook. Hoewel vata het luchtprincipce is, moet vata niet gezien worden als echte lucht in de externe omgeving, maar meer als de subtiele energie die biologische beweging regeert. Eigenschappen van vata zijn o.a; droog, veranderlijk, beweeglijk, licht, koud, subtiel, snel en reageert vlug. Vata is nauw verbonden met de levenskracht/energie, prana genoemd. Prana is de zuivere essentie van vata. Prana is de levensenergie, de werking van intelligentie. Die intelligentiestroom is noodzakelijk voor communicatie tussen cellen en houdt de levensfunctie in stand.

■ Pitta dosha:

Pitta heeft als basisfunctie de regulatie van stofwisseling. Eigenschappen van pitta zijn o.a; heet, scherp, licht, vloeibaar en zurig. Pitta reguleert alle biochemische veranderingen die in ons lichaam plaatsvinden. Pitta reguleert dus o.a de voedselopname, spijsvertering, de lichaamstemperatuur, de hormoonhuishouding en de enzymsystemen in het lichaam.

■ Kapha dosha:

Kapha heeft als basisfunctie de regulatie van structuur. Kapha houdt de andere dosha’s binnen hun grenzen. Kapha eigenschappen zijn o.a; zwaar, langzaam, zoet, olieachtig, standvastig en koud. Kapha levert ook de vloeistof die nodig is voor het instandhouden van de cellen en voor het de smering van gewrichten.

Reageren is niet mogelijk